Zo herken je stressreacties bij je kind.
Wordt je kind boos, loopt het weg of klapt het juist dicht bij spanning? Lees hoe vechten, vluchten en bevriezen bij kinderen werkt en wat je als ouder kunt doen.
Vechten, vluchten of bevriezen: wat gebeurt er in het hoofd van je kind bij stress?
Het ene kind wordt ontzettend boos wanneer de spanning oploopt. Een ander loopt weg, begint ineens grapjes te maken of probeert onder de situatie uit te komen. En weer een ander kind wordt juist heel stil, staart voor zich uit en lijkt helemaal niet meer te reageren.
Drie totaal verschillende soorten gedrag. Toch kan er iets vergelijkbaars achter zitten: het alarmsysteem van het lichaam is aangegaan.
Bij spanning, angst of een gevoel van onveiligheid kan ons brein razendsnel reageren. Nog voordat een kind rustig heeft kunnen bedenken wat het zal doen, heeft het lichaam zich al voorbereid op actie. Dat kan zich uiten in vechten, vluchten of bevriezen: fight, flight of freeze.
Voor ouders is het interessant om die reacties te leren herkennen. Want vooral vluchten en bevriezen zien er lang niet altijd uit als stress. Een kind kan daardoor worden gezien als lastig, ongeïnteresseerd, ongemotiveerd of niet luisterend, terwijl er op dat moment misschien iets heel anders gebeurt.
In deze blog leggen we simpel uit wat vechten, vluchten en bevriezen bij kinderen betekent, hoe je de verschillende stressreacties kunt herkennen en wat je als ouder kunt doen wanneer het alarmsysteem van je kind aangaat.
Waarom heeft ons brein eigenlijk een alarmsysteem?
Ons brein en lichaam zijn voortdurend bezig om ons veilig te houden. Zodra er iets gebeurt dat als bedreigend, spannend of overweldigend wordt ervaren, kan het stresssysteem worden geactiveerd.
Dat is ontzettend nuttig wanneer er werkelijk gevaar dreigt. Stel dat je plotseling moet wegspringen voor een auto. Het zou niet handig zijn als je eerst rustig alle mogelijkheden ging overdenken. Je lichaam moet razendsnel kunnen reageren.
Daarom gebeurt er bij een sterke stressreactie van alles automatisch. De hartslag kan omhooggaan, de ademhaling versnelt, spieren spannen zich aan en de aandacht wordt sterker gericht op wat er gebeurt. Het lichaam maakt zich klaar om te reageren.
Alleen hoeft er tegenwoordig natuurlijk geen wild dier achter je aan te zitten om dit alarmsysteem te activeren. Ook een toets, ruzie, overprikkeling, een spannende sociale situatie, een onverwachte verandering of het gevoel iets niet te kunnen kan voor een kind zoveel spanning opleveren dat het lichaam reageert.
Dat betekent overigens niet dat ieder kind dat vecht, vlucht of bevriest een trauma heeft. Deze reacties horen bij ons natuurlijke stresssysteem en kunnen ook voorkomen in alledaagse spannende situaties.
Vechten: als spanning eruit komt
De vechtreactie is meestal de reactie die volwassenen het snelst opmerken.
Een kind kan boos worden, schreeuwen, schelden, discussiëren, uitdagen, slaan, schoppen of heel bepalend worden. Soms lijkt het alsof werkelijk alles een discussie wordt.
Als ouder zie je vooral het gedrag en dat kan behoorlijk lastig zijn. Toch kan het helpen om jezelf af te vragen wat er vlak vóór dat gedrag gebeurde.
Was iets te moeilijk? Was het erg druk? Voelde je kind zich afgewezen? Ging iets anders dan verwacht? Was er al de hele dag spanning opgebouwd?
Dat betekent niet dat boos, agressief of grensoverschrijdend gedrag ineens goedgekeurd hoeft te worden. Grenzen blijven nodig. Maar wanneer je begrijpt dat spanning een rol kan spelen, kun je naast het begrenzen ook kijken naar wat je kind nodig heeft om weer rustig te worden.
Vluchten: weg van wat te spannend voelt
Vluchten is soms veel minder duidelijk.
Natuurlijk kan een kind letterlijk weglopen. Maar vluchten kan er ook heel anders uitzien.
Een kind kan ineens veel naar de wc moeten, zich verstoppen dus niet opvallend gedragen, een opdracht uitstellen, weigeren ergens naartoe te gaan, snel over iets anders beginnen of proberen onder een situatie uit te komen.
Sommige kinderen worden juist ontzettend druk. Ze maken grapjes, leiden anderen af, veranderen voortdurend van onderwerp of gaan clownesk gedrag laten zien.
Van buitenaf kan dat overkomen als geen zin hebben, niet opletten of de boel verstoren. Maar het is interessant om te kijken wanneer dit gedrag ontstaat.
Gebeurt het bijvoorbeeld steeds wanneer je kind iets moeilijk vindt? Vlak voor een toets? Wanneer er veel mensen zijn? Als het een antwoord moet geven in de klas? Wanneer een gesprek spannend wordt?
Dan kan het gedrag ook een manier zijn om afstand te creëren van iets wat op dat moment te veel spanning geeft.
Bevriezen: de stressreactie die gemakkelijk wordt gemist
Juist deze reactie vinden we belangrijk om onder de aandacht te brengen, omdat een kind dat bevriest meestal veel minder overlast veroorzaakt.
Een kind kan stil worden, voor zich uit staren, niet meer weten wat het moet zeggen, geen keuze kunnen maken, niets meer lijken te horen, dichtklappen of plotseling niet meer weten wat het eigenlijk wel wist.
Misschien herken je het van een kind dat thuis een antwoord perfect wist, maar tijdens een toets of spreekbeurt helemaal blokkeert. Of van een kind dat tijdens een moeilijk gesprek alleen maar stil blijft zitten en nergens antwoord op geeft.
Dat kan eruitzien alsof een kind niet luistert, niet geïnteresseerd is of niet wil meewerken.
Maar een stil kind is niet automatisch een rustig kind.
Vanbinnen kan de spanning juist enorm hoog zijn.
Daarom verdient bevriezen net zoveel aandacht als vechten en vluchten. Het valt alleen minder op.
Niet ieder kind reageert hetzelfde
Het is verleidelijk om na het lezen hiervan te bedenken dat jouw kind een vechter, vluchter of bevriezer is.
Zo simpel werkt het gelukkig niet.
Een kind kan in verschillende situaties verschillend reageren. Misschien wordt je kind thuis tijdens een ruzie heel boos, terwijl het op school bij spanning juist stilvalt. Of probeert het moeilijke schooltaken te vermijden, maar gaat het bij een conflict met een broer of zus juist volop de strijd aan.
Het gaat daarom niet om het plakken van een etiket, maar om het herkennen van patronen.
- Wat doet mijn kind wanneer de spanning begint op te lopen?
- Wanneer gebeurt dat vooral?
- Wat zie ik vlak daarvoor?
- Wat gebeurt er in het lichaam?
- En wat helpt mijn kind vervolgens om weer tot rust te komen?
Juist die vragen kunnen veel informatie geven.
Kijk eens anders naar het gedrag van je kind
Wanneer je eenmaal weet van vechten, vluchten en bevriezen, kun je bepaald gedrag soms met andere ogen bekijken.
Niet ieder boos kind is alleen maar opstandig.
Niet ieder kind dat wegloopt wil gewoon zijn zin krijgen.
En niet ieder stil kind is ontspannen.
Dat betekent ook weer niet dat we achter ieder lastig gedrag direct een stressreactie moeten zoeken. Kinderen proberen grenzen uit, zijn soms moe, hebben ergens geen zin in en maken net als volwassenen soms gewoon onhandige keuzes.
Het gaat erom dat je een mogelijkheid toevoegt aan de manier waarop je kijkt.
In plaats van alleen te denken: waarom doet mijn kind zo?
Kun je jezelf ook afvragen: wat gebeurde er vlak voordat dit gedrag begon en zou spanning hierbij een rol kunnen spelen?
Dat kleine verschil kan helpen om beter te begrijpen wat je kind nodig heeft.
Eerst tot rust komen, daarna praten
Wanneer je kind midden in een sterke stressreactie zit, is dat meestal niet het beste moment voor een uitgebreide uitleg of discussie.
Een kind dat overspoeld wordt door spanning heeft minder ruimte om rustig te luisteren, na te denken, verschillende oplossingen af te wegen en onder woorden te brengen wat er precies aan de hand is.
Daarom helpt het vaak om eerst te kijken wat nodig is om de spanning te laten zakken.
Voor het ene kind is dat even afstand nemen. Een ander heeft juist nabijheid nodig. Sommige kinderen worden rustiger van bewegen, buiten zijn, drinken, een rustige plek of langzaam ademhalen. Andere kinderen hebben vooral behoefte aan een volwassene die rustig blijft en niet te veel vragen stelt.
Daarna komt het gesprek.
Als de rust terug is, kun je samen terugkijken. Wat gebeurde er? Wanneer merkte je dat het te veel werd? Wat voelde je in je lichaam? Wilde je het liefst weg, werd je juist heel boos of klapte je dicht? En wat hielp om weer rustig te worden?
Zo leert een kind stap voor stap zijn eigen signalen herkennen.
Ontdek het patroon van jouw kind
Je hoeft niet te wachten tot de volgende grote uitbarsting om hiermee aan de slag te gaan.
Juist op rustige momenten kun je terugkijken naar situaties die je samen hebt meegemaakt.
Misschien ontdek je dat je kind vóór een boze uitbarsting altijd eerst heel druk wordt. Dat het buikpijn krijgt wanneer iets spannend is. Dat het steeds naar de wc gaat als het een moeilijke taak moet maken. Of dat het tijdens een gesprek steeds stiller wordt voordat het uiteindelijk helemaal dichtklapt.
Dat zijn waardevolle signalen.
Hoe eerder jij én je kind die signalen leren herkennen, hoe eerder je kunt proberen de spanning te verminderen.
Het doel is daarbij niet om ervoor te zorgen dat je kind nooit meer stress ervaart. Spanning hoort bij het leven. Kinderen moeten ook kunnen oefenen met moeilijke, spannende en nieuwe situaties.
Het verschil zit in leren herkennen wat er gebeurt en ontdekken wat helpt om ermee om te gaan.
Je kind heeft jouw rustige brein soms even nodig
Kinderen leren omgaan met spanning niet alleen door erover te praten. Ze leren het ook in contact met volwassenen.
Wanneer jij rustig kunt blijven terwijl je kind overspoeld raakt, kun je helpen om de situatie weer overzichtelijk en veilig te maken. Dat betekent niet dat je altijd perfect kalm moet blijven. Ook ouders hebben een stresssysteem en soms raken twee alarmsystemen tegelijkertijd geactiveerd.
Maar hoe meer je gaat herkennen wat er bij jouw kind én bij jezelf gebeurt, hoe makkelijker het wordt om een stap eerder in te grijpen.
Soms is op zo’n moment minder juist meer: minder woorden, minder vragen, minder discussie en eerst helpen om de spanning te laten zakken.
Pas daarna kun je samen nadenken over wat er gebeurde en wat een volgende keer zou kunnen helpen.
Gratis download: Mijn brein slaat alarm
We vinden het belangrijk dat niet alleen ouders begrijpen wat vechten, vluchten en bevriezen betekent. Kinderen kunnen hier zelf ook veel aan hebben, mits je het eenvoudig uitlegt.
Daarom hebben we bij deze blog een gratis download gemaakt: Mijn brein slaat alarm. Incl een handleiding hoe je samen met je kind kunt doen en we hebben het onderwerp omgezet in een leuke kleurplaat.
Met eenvoudige plaatjes leggen we uit wat er gebeurt wanneer het alarmsysteem aangaat en wat vechten, vluchten en bevriezen kunnen betekenen.
Daarna gaan jullie samen op ontdekking.
- Hoe ziet vechten eruit bij jouw kind?
- Hoe ziet vluchten eruit?
- Hoe herken je bevriezen?
- Wat merkt je kind in zijn lichaam?
- Welke situaties zorgen ervoor dat het alarm sneller aangaat?
- En vooral: wat helpt om weer tot rust te komen?
Het is geen test en aan het einde komt er geen etiket uit. Het doel is juist dat ouder en kind hun eigen signalen beter leren herkennen.
Misschien ontdek je daardoor dat gedrag dat je eerst vooral lastig vond, soms ook een signaal van oplopende spanning kan zijn.
Merk je dat jouw kind heel vaak of heel heftig in vechten, vluchten of bevriezen terechtkomt, dat het dagelijks functioneren eronder lijdt of dat je kind steeds meer situaties gaat vermijden? Dan kan het verstandig zijn om verder te kijken naar waar de spanning vandaan komt en welke ondersteuning passend is.
Bij Kindercoaching Verborgen Schat kijken we niet alleen naar het gedrag dat je aan de buitenkant ziet. We kijken samen met kind en ouders naar wat eronder kan liggen en wat een kind nodig heeft om weer verder te kunnen.